Steeds meer vmbo-leerlingen keren het lezen de rug toe. Uit recent onderzoek blijkt dat hun leesplezier en leesfrequentie blijven afnemen (DESAN, 2024). Ook in het praktijkonderwijs, waar pas recent metingen zijn gestart, is die daling zichtbaar (Wierdsma, 2023; Haagsman, 2024). Dat is zorgelijk, want taalvaardigheid is een belangrijke voorwaarde om het vmbo succesvol af te ronden en met vertrouwen door te stromen naar een vervolgopleiding of de arbeidsmarkt.
Lezen draagt aantoonbaar bij aan de taalontwikkeling en er bestaan inmiddels talloze initiatieven om leerlingen te motiveren meer te lezen. De meeste daarvan richten zich op de rol van docenten en leesconsulenten. Maar wat als we het perspectief omdraaien? Wat als leerlingen zélf een actieve rol krijgen in het stimuleren van leesplezier bij zichzelf én hun leeftijdsgenoten?
In bijna elke klas zijn immers ook leerlingen te vinden die wél graag lezen. In het project Peer Power in de leesomgeving onderzoeken we hoe we juist deze leerlingen kunnen versterken in hun rol als leesambassadeur. Hoe kunnen zij hun medeleerlingen inspireren om (weer) meer te gaan lezen?
In deze blog lees je over wat het project Peer Power in de leesomgeving precies inhoudt en houden we je op de hoogte van hoe het tot nu toe gaat.
Het project Peer Power in de leesomgeving wordt uitgevoerd door Sardes en wordt gefinancierd door het Nederlands Letterenfonds.
Toelichting op het project
Aanleiding
Met de nieuwe regeling Leesbevordering (2024) stimuleert het Nederlands Letterenfonds vernieuwende projecten die het lezen bevorderen. Voor Sardes, al meer dan dertig jaar actief in leesbevordering, was dit de aanleiding om een onderbelicht aspect te verkennen: de rol van leerlingen zelf. In veel scholen ligt de regie bij leraren, terwijl onderzoek laat zien dat eigenaarschap en sociale interactie cruciale factoren zijn voor leesmotivatie (Van der Sande e.a., 2017). Ook blijkt uit de monitor de Bibliotheek op school vmbo dat leerlingen vooral leesadviezen krijgen van leeftijdsgenoten (DESAN, 2024). Daarmee ligt er een kans om ‘peers’ in te zetten als motor voor een sterkere leescultuur.
Inhoud
In het project Peer Power krijgen vmbo- en praktijkonderwijsscholieren een actieve rol in het stimuleren van lezen en leesplezier bij hun klasgenoten. Op drie pilotscholen – het Cals College IJsselstein, het Pro Grotius College en het Globe College – vormen leerlingen een Peer Power Team dat eigen initiatieven bedenkt en uitvoert om lezen aantrekkelijker te maken. Het project beoogt niet alleen een direct peer-to-peer effect, maar ook de ontwikkeling van projectvaardigheden en een blijvende werkwijze. De opgedane inzichten worden gebundeld in een overdrachtsdocument voor andere scholen.
Aanpak
Het Peer Power Team bestaat idealiter uit 6 tot 10 leerlingen die lezen leuk vinden, sociaal vaardig zijn en het liefst creatief zijn en gestructureerd te werk gaan. Docenten spelen een rol in het werven van de leerlingen. Het Peer Power Team komt regelmatig, zeker eens per twee weken, samen om met elkaar aan hun projecten te werken. Deze bijeenkomsten vinden plaats onder schooltijd tijdens reguliere lesuren, zodat leerlingen in principe niet langer op school hoeven te blijven. De eerste bijeenkomsten staan in het teken van opstarten. Leerlingen denken eerst na over waarom lezen belangrijk is en waarom er zo weinig wordt gelezen door hun leeftijdsgenoten. Daarna stellen de leerlingen doelen voor hun projecten en gaan ze brainstormen over wat ze kunnen doen om die doelen te bereiken. Wanneer de leerlingen een aantal ideeën hebben uitgekozen, gaan ze tijdens de bijeenkomsten aan de slag met het daadwerkelijk uitvoeren van hun plannen. Het uitgangspunt van het Peer Power Team is dat de leerlingen aan zet zijn en mogen bepalen, maar dit doen zij wel onder begeleiding.
Stand van zaken
Benieuwd naar de stand van zaken van het Peer Power Project? Lees hier verder over de ervaringen van het Globe College, het Cals College IJsselstein en het PrO Grotius College. We werken deze ervaringen geregeld bij. Op dit moment hebben we de ervaringen van de eerste twee bijeenkomsten beschreven.